Denigrerende opmerkingen door bestuurder tram

Een man zit op een zaterdagavond in de tram. De bestuurder van de tram moet plotseling remmen voor een overstekende jongen van Marokkaanse afkomst. De bestuurder gaat naar buiten en de jongen biedt zijn excuses aan. Als de bestuurder weer instapt en wegrijdt roept hij om: “had ik bijna een Casablancaatje aangereden”. In de tram zitten meerdere personen van allochtone afkomst.

Een vrouw die in de tram zit reageert hierop met de woorden: “had het maar gedaan: dan was er weer eentje minder geweest”. Vervolgens maakt ze nog meer beledigende ‘grappen’ en discriminerende opmerkingen over Marokkanen, over achterlijke cultuur etc. De man zegt hier iets over, waarna de vrouw zich tegen hem keert. Ze scheldt hem uit en zegt onder andere dat hij een baksteen op zijn hoofd moet krijgen. Het schelden wordt steeds erger en de man stapt uit. Hij gaat naar het politiebureau om aangifte tegen de bestuurder te gaan doen. De opmerking van de bestuurder is de aanleiding geweest voor de passagiere om eens flink van leer te trekken. Hij is van mening dat de opmerking van de bestuurder niet door de beugel kan en zeker niet wanneer dit gebeurt in de oefening van zijn functie.

Op deze zaterdagavond is het niet mogelijk om aangifte te doen. Hij wordt gevraagd om hiervoor een afspraak te maken. De medewerker van het politiebureau vertelt hem dat het ook mogelijk is om een klacht in te dienen bij het MDRA en geeft hem een folder mee. De man neemt contact op met het MDRA. Het gaat hem er vooral om dat de bestuurder op zijn gedrag wordt aangesproken door het bedrijf waar hij voor werkt. Het MDRA vertelt hem dat hij aan het juiste adres is. Het MDRA heeft al vaker klachten ingediend bij het openbaarvervoerbedrijf en heeft de ervaring dat deze gedegen onderzocht en afgehandeld worden.

Met de gegevens en details die de man verschaft, stelt het MDRA een brief met de klacht op. Binnen een paar weken wordt de brief beantwoord. De klacht is onderzocht en het openbaarvervoerbedrijf heeft de bestuurder gehoord over het voorval. De bestuurder heeft zijn opmerking niet bedoeld om iemand te beledigen, maar is zich er nu wel van bewust wat hij teweeg heeft gebracht. Hij zal daar voortaan rekening mee houden en biedt zijn excuses aan. Deze worden aanvaard door de man.

-A +A