Discussieavond Chinese Nederlanders

Tekst: Guido van Oss, redactie geledraak.nl, www.geledraak.nl

In welke mate krijgen Chinese Nederlanders te maken met discriminatie, wat voor nadelen en misschien ook voordelen ondervinden ze hiervan, en wat zijn adequate reacties op discriminatie?

Op donderdag 15 december werd door de vereniging CPIPF (Chinese Politieke Integratie & Participatie Fonds), het IOC (Inspraak Orgaan Chinezen) en de Stichting 100 jaar Chinezen in Nederland hierover de discussieavond iChinese 2012 georganiseerd. ‘Nederlanders kijken in het algemeen positief aan tegen de Chinese migrantengroep: we worden gezien als harde werkers die hoger dan gemiddeld presteren.’

De discussieavond iChinese 2012 werd geopend door Fleur Poot, werkzaam bij Meldpunt Discriminatie Regio Amsterdam (MDRA) dat erop is gericht discriminatie te bestrijden en te voorkomen. Bij haar meldpunt kwamen dit jaar vier klachten binnen van Chinese Nederlanders. In verhouding tot andere migrantengroepen is dat niet erg veel.  Poot: “Dat zou je op twee manieren kunnen verklaren. Het kan zijn dat er weinig sprake is van discriminatie. Er doen zich wel eens problemen voor, maar de omvang is beperkt. Maar het kan ook zijn dat de geslotenheid van de Chinese gemeenschap ervoor zorgt dat er weinig meldingen binnenkomen. De beeldvorming over Chinezen in Nederland is in het algemeen dat het harde werkers zijn, die veelal in restaurants werken en maar beperkt de Nederlandse taal spreken. Verder denken de meeste Nederlanders dat de Chinese gemeenschap erg gesloten is, vrijwel onzichtbaar is en je er nauwelijks ooit last van hebt of iets van hoort.”

Fleur Poot: “Een recent rapport van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP), geschreven in het kader van 100 jaar Chinezen in Nederland geeft een aantal objectieve cijfers: qua grootte is de Chinees Nederlandse bevolkingsgroep de vijfde niet westerse-migrantengroep in Nederland, de laatste jaren is sprake van veel studie- en kennismigranten uit China, en de tweede generatie Chinese Nederlanders doet het goed in het onderwijs. Verder doet zich onder de Chinees Nederlandse bevolkingsgroep een lage werkloosheid en uitkeringsafhankelijkheid voor en voelen ze zich meer geaccepteerd dan andere migrantengroepen. 25% van de Chinese Nederlanders zegt af en toe te worden gediscrimineerd, 3% geeft aan zeer vaak gediscrimineerd te worden.”

Na de inleiding van Fleur Poot ging de zaal in discussie met een panel van drie deskundigen: voormalig PvdA-Eerste Kamerlid Ing Yoe Tan, de Chinees Nederlandse personeelsfunctionaris Jenny Ho, en Luc Hoffmans, directeur van bureau discriminatiezaken Noord-Holland-Noord. De discussie werd op een deskundige wijze geleid door Boudewijn Rijkschroeff van het IOC en werd gevoerd op basis van drie stellingen.

Belemmeringen om te stijgen op de maatschappelijke ladder

De eerste stelling was: “Stereotypering en discriminatie belemmeren Chinezen om hogerop te klimmen op de maatschappelijke ladder.”  PvdA-politica Ing Yoe Tan: “Dat is betrekkelijk. Als Chinese Nederlander ben je namelijk ook vaak in het voordeel. Nederlanders kijken in het algemeen positief aan tegen de Chinese migrantengroep: we worden gezien als harde werkers die hoger dan gemiddeld presteren. Dat is een heel verschil met hoe de Chinese gemeenschap in Indonesië, waar ik ben opgegroeid, wordt behandeld. Maar natuurlijk is er wel sprake van een glazen plafond. In de top van zowel overheid als bedrijfsleven zitten overwegend witte mannen, maar weinig allochtonen en vrouwen.  Een oorzaak is dat vrouwen vaak slechts parttime willen werken. Overigens is het voor Aziaten nog altijd aanzienlijk makkelijker om aan de top te komen dan voor mensen met een zwarte huidskleur.”

In de discussie wordt als voorbeeld aangehaald dat Chinese Nederlanders vaak slecht voor zichzelf opkomen als het gaat om het maken van promotie binnen hun werk. Personeelsfunctionaris Jenny Ho merkt op dat dit niet alleen geldt voor de Chinese migrantengroep maar ook voor allerlei andere migrantengroepen. Hoffmans meent dat hier ook vaak individuele aspecten spelen. “Natuurlijk zijn er plafonds en is er sprake van discriminatie maar je kunt er zelf veel aan doen. Ik heb zelf twee Afrikaanse adoptiedochters. De oudste is nogal teruggetrokken, de jongste treedt heel assertief naar buiten toe: dat maakt een wereld van verschil uit.”

‘Mondiger worden? Mooi niet!’

De tweede stelling sloot hier mooi op aan: “Bescheidenheid siert de Chinees, mondiger worden? Mooi niet!”

Door de zaal, die hoofdzakelijk gevuld was met hoogopgeleide jongere Chinezen van de tweede en derde generatie, werd deze stelling absoluut niet onderschreven. Personeelsfunctionaris Jenny Ho: “Het is belangrijk dat je zelf weet wat je kunt, waar je kwaliteiten liggen en hoe je dat moet overbrengen. Idealiter moeten personeelsfunctionarissen daar zo objectief mogelijk naar kijken, geheel los van de huidskleur. Bovendien moeten ze er doorheen prikken als iemand zich wat meer bescheiden opstelt. Het is niet iedereen gegeven om goed voor zichzelf op te komen. Sommige mensen zijn gewoon wat meer bescheiden, dat hoort gewoon bij hun persoonlijkheid. Als iemand zich super assertief gedraagt, moet je daar als personeelsfunctionaris net zo goed doorheen prikken.”

Voormalig PvdA-politica Ing Yoe Tan: “Het is ook moeilijk om Chinezen politiek actief te krijgen, ze zijn overwegend bezig met carrière maken en zakendoen. Chinese Nederlanders mengen zich bovendien niet gauw in de politiek omdat ze, net als andere Nederlanders, ervoor vrezen hun kop boven het maaiveld uit te steken. Politiek betekent risico's nemen en blauwe plekken oplopen. Verder gaat ook een grote invloed uit van de herkomstlanden van de Chinese migranten: zowel in China als bijvoorbeeld Indonesië is er vaak alle redenen om niet deel te nemen aan politiek, vanwege de autoritaire manier waarop in deze landen politiek wordt bedreven.”

‘Gooi je Chinese roots overboord, lang leve de integratie!’

De laatste en derde stelling: “Jongere generatie Chinese Nederlanders gooi je Chinese roots overboord, lang leve de integratie!”

Een mooie stelling, die wat het laatste deel betreft zo uit een propagandaposter uit de Mao-periode afkomstig had kunnen zijn. Ook voor deze stelling gold echter dat de zaal het hier duidelijk niet mee eens was. ‘Goed opkomen voor jezelf is uiteraard belangrijk, maar er is geen reden om daarbij je eigen identiteit te verloochenen,’ was, kort samengevat, het algemene gevoel van de Chinese jongeren in de zaal.

Ing Yoe Tan: “De wereld wordt in onze beleving steeds kleiner. De tweede en derde generatie van de Chinese migrantengroep stellen zich meer internationaal op. Er zijn banden met de familie in China of andere herkomstlanden, daardoor wordt het Chinese deel van hun identiteit gevoed en gekoesterd. Omgekeerd zie je in China zelf een tegendraadse beweging: jongeren die vooral de westerse mode willen volgen en soms daarbij hun Chinese identiteit geweld aandoen, bijvoorbeeld door oogoperaties om hun ogen te vergroten.

De Chinese gemeenschap in Nederland kent overigens nog veel verborgen leed en verborgen problemen. Vooral onder Chinese ouderen wordt eventuele vuile was meestal binnenskamers gehouden. Veel Chinezen doen zelden beroep op de Nederlandse verzorgingsstaat, ook daarom is Nederland zo dol op Chinezen.”

Discussieleider Boudewijn Rijksschroef concludeerde dat de tijdgeest in Nederland negatief is voor allochtonen. “Meer en meer is er momenteel sprake van sociale uitsluiting van migrantengroepen. Maar je kunt hier met de juiste assertiviteit zelf veel tegen doen. Chinezen zijn bovendien in het voordeel omdat ze gelden als modelminderheid. Chinese Nederlanders hebben er alle redenen voor om zichzelf als groep meer zichtbaar te maken binnen de Nederlandse samenleving en waar nodig nog beter op te komen voor hun eigen belangen.”

-A +A