Gepensioneerde met geregistreerde partner moet evenveel pensioen ontvangen als gepensioneerde met echtgeno(o)t(e)

Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft op dinsdag 10 mei 2011 een belangrijke uitspraak gedaan, waarmee het recht op gelijke behandeling tussen paren van gelijk- en van verschillend geslacht in de EU een stapje dichterbij komt.  De zaak had betrekking op ouderdomspensioen. Het Hof stelt vast dat wanneer een aanvullend ouderdomspensioen lager is wanneer het wordt uitgekeerd aan een partner in een levenspartnerschap dan wanneer het wordt uitgekeerd aan een gehuwd persoon, dan kan er sprake zijn van discriminatie op grond van seksuele geaardheid.

De heer Römer heeft met zijn mannelijke partner een geregistreerd partnerschap. Hij ontvangt pensioen van zijn voormalig werkgever, de stad Hamburg. Die keert hem een lager pensioen uit dan aan gepensioneerden met een getrouwde partner. Duitsland heeft het geregistreerd partnerschap alleen opengesteld voor paren van gelijk geslacht en het huwelijk alleen voor paren van verschillend geslacht. Anders gezegd: de heer Römer maakt aanspraak op een lager pensioen omdat hij met een man samenleeft en niet met een vrouw getrouwd is.

In zijn arrest stelt het Hof vast dat de aanvullende ouderdomspensioenen binnen de werkingssfeer van richtlijn 2000/78 (Kaderrichtlijn) vallen. Het Hof merkt op dat bij de Duitse wet inzake het geregistreerd partnerschap voor personen van hetzelfde geslacht het levenspartnerschap is ingesteld, waarbij ervoor is gekozen om deze personen niet de mogelijkheid te geven om in het huwelijk te treden.  Als gevolg van de omstandigheid dat de levenspartnerschapsregeling steeds meer is gaan lijken op de voor het huwelijk geldende regels, bestaan er volgens de verwijzende rechter in de Duitse rechtsorde geen significante verschillen meer tussen deze twee burgerlijke staten. Het belangrijkste overblijvende verschil bestaat immers hierin dat het huwelijk veronderstelt dat de echtgenoten een verschillend geslacht hebben, terwijl het geregistreerd levenspartnerschap vooronderstelt dat de partners van hetzelfde geslacht zijn.

In het onderhavige geval vooronderstelt de gunstige behandeling in het kader van het aanvullend ouderdomspensioen niet alleen dat de pensioenontvanger gehuwd is, maar bovendien ook dat deze niet duurzaam gescheiden leeft van zijn echtgen(o)t(e), aangezien dit pensioen tot doel heeft te voorzien in een vervangingsinkomen ten behoeve van de betrokkene, alsook, indirect, van de met hem samenwonende personen. In dat verband wijst het Hof erop dat de Duitse wet inzake het geregistreerd partnerschap bepaalt dat de levenspartners onderling verplicht zijn om elkaar te helpen en bij te staan en om , door hun arbeid en vermogen, op geschikte wijze bij te dragen aan de behoeften van de binnen het partnerschap bestaande gemeenschap, zoals dit ook voor echtgenoten tijdens hun gemeenschappelijk samenleven het geval is. Volgens het Hof rusten aldus dezelfde verplichtingen op levenspartners en op gehuwden. Hieruit volgt dat de twee situaties dus vergelijkbaar zijn.

In de tweede plaats stelt het Hof vast dat, wat het criterium van een minder gunstige behandeling op grond van seksuele geaardheid betreft, blijkt dat het pensioen van Römer zou zijn verhoogd indien hij in het huwelijk was getreden in plaats van met een man een geregistreerd levenspartnerschap aan te gaan. Voorts is de gunstige behandeling niet gekoppeld aan het inkomen van de echtgenoten, noch aan de aanwezigheid van kinderen, noch aan andere factoren zoals de economische behoeften van de echtgeno(o)t(e). Bovendien merkt het Hof op dat de door Römer te betalen pensioenpremies op generlei wijze werden beïnvloed door zijn burgerlijke staat, aangezien de bedragen die hij ten behoeve van de pensioenuitgaven diende af te dragen gelijk waren aan die van zijn gehuwde collega’s.  

Vindplaats: het arrest Jürgen Römer versus Hamburg heeft zaaknummer C-147/08, zie de rechtspraak op de website van het Hof van Justitie van de Europese Unie  www.curia.europa.eu

-A +A